Hubertuskruis?

Daar staat hij; uit de wind en goed verscholen
De jager; ’t wilde zwijn in het vizier
Zijn ogen gloeien vuriger dan kolen
Zijn vollemaansgezicht glimt van plezier

Hij onderdrukt zijn opgewonden hijgen
en voelt, terwijl hij rode wangen krijgt
zijn broek lokaal naar bobbelvorming neigen
(en dat de spanning tot het kookpunt stijgt)

Ik zie een stijve worstvinger die spastisch
en heftig trillend om de trekker krult
Een tensie die nu dampend, pre orgastisch
en dubbelloops om een ontlading brult

Een vochtvlek vreet zich in zijn goeie goed
‘nog voor de aarde kleurt van ’t zwijnenbloed

© Aad van der Waal